Een Tervuerense herder uit 100% Mechelaar?

De historie van de Belgische herder roept nog regelmatig vraagtekens op. Vroeger werden de diverse variëteiten van de Belgische herder gewoon door elkaar heen gefokt. Het is immers één ras en al naar gelang de haarkleur en vachtstructuur werd de hond ingedeeld als Mechelaar, Groenendaler, Tervuerenaar of Laekense herder.  

De afgelopen jaren waren de variëteitskruisingen niet meer toegestaan, waardoor er binnen het ras, 4 verschillende “rassen” ontstonden. Echter is het gemengde erfgoed bij de variëteiten nog wel aanwezig. De erffactor voor langhaar is recessief, d.w.z. dat deze alleen tot uiting kan komen als er geen factor voor korthaar aanwezig is. Menig Mechelse herder draagt deze factor voor langhaar onzichtbaar bij zich.

Wanneer twee van deze honden met elkaar gekruist worden, is er theoretisch een kans van 25% op een langhaar. (Voor de liefhebbers van erfelijkheid, dit is de tweede wet van Mendel, Aa x Aa geeft 25% homozygoot korthaar. 50% heterozygoot korthaar en 25 % homozygoot langhaar). We kennen dit verschijnsel ook bij bijv. de Duitse herders, zo af en toe zit er een langharige Duitse Herder in het nest. Bij de Duitse Herders is dit qua rasstanddaard ongewenst, bij de Belgische herder is het geen probleem omdat een langharige, rossiggekleurde Belgische herder als een Tervuerenaar beschouwd kan worden, we hebben het namelijk nog steeds over één ras. Door deze langharige Mechelse herdershonden als Tervuerenaars te laten registreren, ontstaat de mogelijkheid om een stam Tervuerens te fokken met een geheel andere bloedlijn.

Verbreding van de fokbasis dus, iets wat ten goede komt van elk ras. Bepaalde werkhondeneigenschappen die bij de Tervuerense herder niet meer volop aanwezig zijn, kunnen zo, zonder een variëteitskruising toe te passen, in het huidige Tervueren bestand worden ingebracht. Mechelse herder liefhebbers hoeven niet bang te zijn voor negatieve effekten voor hun variëteit. Tervuerenbloed kan niet in hun foklijnen terugkomen omdat het onmogelijk is dat er uit twee langharen een korthaar (= Mechelaar) geboren wordt, langhaar is altijd dubbel recessief. Door langharige Mechelse herder puppen te laten registreren als Tervueren i.p.v. als Mechelaar kan men een bijdrage leveren tot verbetering van het huidige Tervuerenbestand. Er zijn nu in Nederland een paar fokkers die er naar streven langharige Belgische herders te fokken die geschikt moeten zijn voor o.a. de africhting. Hiervoor gebruiken ze honden afkomstig uit pure werkhondenlijnen van Mechelse herders. De resultaten zijn veelbelovend, de honden hebben merendeels de juiste werkaanleg en, hoewel geen showkwaliteit , zijn het zonder meer qua uiterlijk Tervuerense herders. Hopelijk blijft de belangstelling voor deze honden groeien en zien we op de NVBH africhtingskampioenschappen in de toekomst vaker een langharige Belg.